Steun ons

Mensen van goede wil - Opzoek naar de 'wij-taal'

15 januari 2016
3 minuten
<p align=right>Foto Roel Wijnants</p>

Foto Roel Wijnants

Veel mensen zijn van goede wil. Toch komt Marinus van den Berg ook veel onmacht tegen. Niet iedereen kan taalles geven aan buitenlanders of kleding inzamelen voor vluchtelingen. Maar er is iets dat je altijd kunt doen: praten, ‘spreken dat recht doet’, met evenwicht tussen emotie en verstand. “We hebben een taal nodig die de strijd niet aanwakkert, maar de weg zoekt naar de wereld van morgen”.

Door Marinus van den Berg

‘Vrede voor alle mensen van goede wil.’ Een bekende wens die soms weer eens om aandacht vraagt. Vooral in tijden met gedrag dat veel vragen oproept. Mensen die worden uitgehongerd. Mannen die vrouwen bedreigen en erger. Hoe zit het met ‘de wil’ van mensen die dit anderen aandoen?

Ik hoorde op bezoek in Vlaanderen van mensen die in het weekend naar Calais en Duinkerken gaan om daar eten en goederen te brengen bij de mensen daar in tentenkampen die naar de overkant willen. Er wordt meer aangeboden dan er aanvaard kan worden. Dat leidt weer tot nieuwe problemen zoals het zomaar dumpen van die goederen.

Ook las ik dat er in Nederland veel mensen zijn die iets willen doen voor de vluchtelingen maar dat coördinatie gewenst is. Deze berichten zeggen me dat er veel mensen van goede wil zijn en misschien zijn ze wel een grote meerderheid.

Onmacht

Die gedachte kan hoopvol stemmen maar er komen bij mij ook vragen op die te maken hebben met omgaan met onmacht. De verhalen en de beelden die dagelijks tot ons komen kunnen allerlei gevoelens losmaken. Onmacht hoort daar ook toe. Ik hoor vaak verzuchten: “Wat kan ik doen…?” Niet iedereen kan taalles geven, of kleding brengen of een zwemfeestje organiseren. Je weet het niet, misschien denk je wel helemaal niets te kunnen doen.

Ik zou dan toch een ding willen noemen waaraan iedereen kan bijdragen. Dat is het praten, het spreken over de mensen die op de vlucht zijn. Dat spreken dient recht te doen. Recht doen is ook praten en in gesprek gaan over gedragingen die bedreigend zijn, die als kwaadaardig worden ervaren. Er moet niets gladgestreken worden wat krom is. Er moet niets gebagatelliseerd worden. Je kunt wel praten met mensen die zich anders gedragen – al kan dat moeilijk zijn ­– om hen beter te begrijpen en zij moeten ook praten met ons – een vaag begrip – die hier wonen en leven.

Emotietaal

Spreken dat recht doet, kent ook een zeker evenwicht tussen emotie en verstand. Er is momenteel ook veel emotietaal in de lucht. Soms is die emotietaal een taal van bewogenheid maar vaak ook onderbuiktaal die generaliseert, die geen onderscheid maakt en die niet bereid is om beter te kijken en te luisteren.

Mensen die gevlucht zijn ‘gelukszoekers’ noemen is wat anders dan je af te vragen wat het met een mens doet, met zijn brein en zijn hart, als hij/zij huis, straat, dorp, wijk, baan en eigen cultuur moet verlaten. Ik heb hier in Rotterdamse taxi’s op late avonden terug naar huis meerdere malen gesproken met mannen die gevlucht waren uit Iran, Afghanistan en andere gebieden. Ik was vaak onder de indruk van hun moed en de offers die het had meegebracht, zoals van piloot tot taxichauffeur, van medisch specialist tot...

Overbruggende taal

We kunnen ook luisteren naar hun verhalen en niet op de stoel van justitie gaan zitten. Zij heeft een eigen taak. We kunnen ons laten informeren door serieuze journalistiek en niet meedoen in cafés, op verjaardagen, tijdens lunchpauzes, aan borreltafels aan een soort wedstrijd in steeds straffere oneliners. Zoals “ze moeten…” Daar kan moed voor nodig zijn. Soms kun je beter zwijgen en dan weer vragen stellen of toch een tegengeluid geven.

Je kunt competenter, bekwamer worden in het omgaan met onmacht door een andere taal te leren spreken. Niet een verwilderende maar een overbruggende taal. Niet een taal van ‘wij’ en ‘zij’ maar een taal van ‘wij-samen’. Je wordt competenter in het omgaan met onmacht als je ziet dat je altijd iets doet. Zelfs als je niets doet. Ook niets doen, kan doen zijn; zelfs een bekwame vorm van doen zijn. Het verbale en ook het niet-verbale kan meer doen dat je beseft. We hebben allemaal een probleem en we moeten samen een weg, een overeenkomen zien te vinden. Er zijn denk ik veel mensen van goede wil, maar we zoeken nog naar een taal die niet de strijd aanwakkert maar de weg zoekt naar de wereld van morgen die steeds meer anders zal zijn.

 

 

Marinus van den Berg

Lees meer

Marinus van den Berg (1947, Wijhe) was tot 2016 geestelijk verzorger in verpleeghuis Antonius-IJsselmonde in Rotterdam. Hij studeerde aan het gymnasium van de paters karmelieten in Zenderen, theologie aan de Katholieke Hogeschool Utrecht en de universiteit van Yale (VS). In 1977 werd hij priester gewijd. Hij is als geestelijk begeleider gespecialiseerd in het bijstaan van stervenden en rouwenden. Marinus schrijft met regelmaat bijdragen voor de Bezieling: persoonlijke overwegingen en observaties en woorden ter inspiratie. Ook is hij auteur van tientallen boeken over de omgang met verlies, rouw en dood. Enkele recente publicaties: Rouwen in de tijd; Lijden verlichten; Meegaan tot het eind; en Na werk tijd. Zijn motto: “Van zwijgen naar benoemen: dat kan lijden verlichten.”

Reacties

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Verder lezen

Meer van 

Overdenkingen René Grotenhuis gebundeld

December vorig jaar overleed René Grotenhuis, hoofdredacteur van de Bezieling. Zijn overdenkingen over leven en sterfelijkheid, die hij voorafgaand aan een ingrijpende operatie  schreef,  zijn nu gebundeld: Woorden op de drempel. De bundel is te bestellen bij uitgeverij Adveniat. De opbrengst komt ten goede aan de Bezieling. (Lees meer)

Over de Bezieling

De Bezieling is een gratis online kwaliteitsmagazine voor mensen die op zoek zijn naar inspiratie, bemoediging en ankerpunten in het leven en daarbij nieuwsgierig zijn naar wat de christelijke traditie te bieden heeft.

Vrienden van de bezieling

Als ‘Vriend van de Bezieling’ heb je een streepje voor. Je deelt mee in drie extra’s, exclusief voor de vrienden:

  • ontmoet je favoriete Bezielingmedewerker
  • ontvang gratis ons jaarboek
  • neem deel aan het tentoonstellingsbezoek.

Het lidmaatschap kost 60 euro per jaar (méér mag) en kan op ieder moment ingaan. Als Vriend draag je bij aan een stabiele basis voor de Bezieling en daarmee aan de ontmoeting van hedendaags leven en christelijke spiritualiteit.

Volg de bezieling

Aanmelding nieuwsbrief

cross