Steun ons

Christelijke beelden - Vreugde in het licht van haar ontkenning

11 juli 2022
11 minuten

Geloof werkt met beelden. De vooraanstaande dominicaan Timothy Radcliffe verwijst naar de recente speelfilm Don't Look Up (2021), een satirische verbeelding van de onmacht om adequaat te reageren op de ecologische catastrofe die op ons afkomt. Welke verbeelding kan christenen, in een seculiere wereld, helpen de realiteit vanuit een gelovig perspectief te verbeelden? In het christelijk geloof draait het vaak om beelden van "onverwachte vreugde, dikwijls in aanwezigheid van wat die vreugde ontkent". Radcliffe neemt zijn eigen ziekteproces als voorbeeld.

Door Timothy Radcliffe

De satirische film 'Don’t Look Up' van Adam McKay vertelt hoe twee onbekende astronomen een grote komeet zien die door de ruimte vliegt en de aarde dreigt te vernietigen. Niemand neemt ze au sérieux. De Amerikaanse president wacht om acties te ondernemen en zegt: “We wachten af.” Wanneer de bedreiging onvermijdelijk is geworden, wordt de komeet louter als een mogelijke bron van zeldzame metalen gezien. Er wordt niets gedaan om de imminente dreiging onder ogen te zien. Het is een parodie op het totaal gebrek aan politieke wil om de ecologische catastrofe die op ons afkomt, ernstig te nemen. De humor in de film toont het absurde van onze blindheid.

Daar tegenover lijkt de uitdaging waar het christendom voor staat totaal anders. De astronomen in de film nodigen iedereen uit om naar boven te kijken om zo de komeet te zien. Maar men kan niet naar boven kijken om God te zien! Christenen staan evenwel voor een vergelijkbare imaginaire uitdaging: hoe kunnen we de mensen uitnodigen om de wereld anders te zien? In beide gevallen gaat het om bekering.

Fundamentele verandering

Toen activiste Naomi Klein in het Vaticaan uitgenodigd werd voor de presentatie van Paus Franciscus’ encycliek Laudato Si, was zij uitdrukkelijk als seculiere en joodse feministe aanwezig. Een ongekende gast in het Vaticaan! Zij aanvaardde de uitnodiging omdat “gelovige mensen en vooral mensen met een missionair geloof, een diep vertrouwen hebben in iets waarvan seculiere mensen niet zeker zijn, namelijk dat alle menselijke wezens in staat zijn tot fundamentele verandering. Ze blijven overtuigd dat de juiste combinatie van argumentatie, emotie en ervaring kan leiden tot fundamentele transformaties. Dat is, uiteindelijk, de essentie van bekering [1].”

Bekering is niet alleen met waarheden instemmen. Bekering raakt aan verbeelding en met ‘verbeelding’ bedoel ik een manier om naar de wereld te kijken. William Lynch, schreef “de taak van de verbeelding is de realiteit te verbeelden [2].” Er zijn Nederlandse en Engelse verbeeldingen, babyboomer- en millennial-verbeeldingen, literaire en wetenschappelijke verbeeldingen. We zien de wereld nu eenmaal door verschillende prisma’s.

Religieuze verbeelding

Is de religieuze verbeelding slechts een andere manier om naar de wereld te kijken naast, bijvoorbeeld een wetenschappelijke verbeelding? Ik stel me voor dat religieuze verbeelding verenigbaar is met alle manieren waarop we onze ervaringen betekenis geven. Een gezonde religieuze verbeelding, vrij van fundamentalisme, verzamelt alle partiële waarnemingen van betekenis in haar zoeken naar de ultieme betekenis van ons bestaan.

Mijn eerste leraar als dominicaan was een Nederlander uit Sri Lanka, Cornelius Ernst, een leerling van Wittgenstein. Hij geloofde dat de rol van theologie er in bestond aan te tonen,  dat “de waarheid van de christelijke openbaring en alle andere waarheid elkaar belichten, zodat waarheid zichzelf kan manifesteren als een geheel dat zijn eenheid in God en Christus heeft” [3].

De geschiedenis van het christendom is een eindeloze dialoog in beelden tussen het Woord Gods en de nieuwe wegen waarin mensen zoeken om het leven zinvol te maken: vanaf het platonisme tot de moderne wetenschappen, door middel van poëzie, film, blogs en de virtuele wereld van metaverse [4]. Die dialoog confronteert ons geloof ook met alles dat de betekenis van ons leven ontkent: vervolging, de zwarte dood, slavernij, de holocaust, kernoorlog, de klimaatcatastrofe en – en dat geldt voor ons allemaal – ziekte.

Vreugde

De film Don’t Look Up ontmaskert de absurditeit van het sluiten van de ogen voor dreigend onheil. In ons geloof komt verbeeldende verlichting dikwijls voor door onverwachte vreugde, dikwijls in aanwezigheid van wat die vreugde ontkent. Mijn eigen religieuze roeping komt voort uit de genegenheid die ik had voor een benedictijnse oud-oom, een aalmoezenier tijdens de Eerste Wereldoorlog. Elke nacht ging hij in het niemandsland de gewonden en de doden opzoeken. Hij werd zelf zwaargewond en verminkt maar was vervuld van vreugde en levendigheid.

Ons geloof leidt zeker tot waarheidsaanspraken, maar de doorbraak is gewoonlijk imaginair, dikwijls door vreugde in het zicht van haar ontkenning. Het is geen ethische code van bovenaf opgelegd, maar het vreugdevol en hachelijk avontuur van het volgen van de Heer. Dit is in onze risicomijdende maatschappij met zijn obsessie voor zekerheid, alarmerend. Herbert McCabe o.p. zei het zo: “Wanneer je liefhebt, zal je pijn lijden, en mogelijk sterven. Als je niet liefhebt, ben je al dood”.

Voor ons allen is ziekte de meest voorkomende bedreiging voor de betekenis voor ons leven. De stralende gezondheid van de onrechtvaardingen was een schandaal voor de psalmisten!  Jezus’ eerste optreden was het genezen van een zieke. Dat sprak tot de verbeelding van de antieke mens. Thomas Matthews beweert dat God “zichzelf toonde als een god van de ‘kleine mens’, als een ‘echte basis-god’ … een zorgende god, die begaan was als je het zicht verloor of gebogen onder artritis liep, of leed onder menstruatieproblemen … Plots was God zichtbaar tussen de mensen, hen aanrakend, strelend, troostend, zijn warme en levengevende handen opleggend … Dat was de radicale nieuwe macht, en de concurrentie had niets om daartegenover te stellen” [5].

Kanker

Ik kon pas tijd vinden om een boek te schrijven over hoe het christendom de verbeelding van onze tijdgenoten kan bereiken, toen ik van een kankeroperatie herstelde. Toevallig verschijnt de Nederlandse vertaling van dit boek, Leven in volheid [6], nu ik herstel van een tweede kankeroperatie aan de kaak, gevolgd door zes weken bestralingstherapie.

Ik aarzel om over mijn ervaringen te schrijven. De zieke kan op een vervelende wijze op zichzelf georiënteerd zijn en de woorden van de Russische schrijver Anton Tsjechov klonken in mijn oren: “Geef aan de mensen ménsen, niet jezelf”. Ik durf het toch aan omdat ik hoop dat het een klein beetje inzicht geeft in de beperkte werking van iemands christelijke verbeelding: door vreugde in het licht van haar ontkenning. Ziekte ondermijnde de zin van de identiteit die mij tot dan toe overeind hield, en ze nodigde mij uit een andere identiteit te ontdekken, die een gave was die ik mocht ontvangen, in plaats van een keuze die ik te verdedigen had. Het was een imaginaire bevrijding uit een eng zelfbestaan.

De meest oppervlakkige uitdaging was, dat ik licht misvormd was door een sterk opgezwollen kaak. Voor het eerst kon ik in de ogen van vreemden alarmerende, zelfs afkerige blikken zien. Die zwelling zal na een tijd verdwijnen, maar ik kan mij nu identificeren met iemand die een vergelijkbaar lijden moet verdragen.

Christus is voor ons de “lijdende dienaar” van Jesaja “die geen verschijning was, die bewondering wekt” en “een mens die zijn gezicht voor ons verbergt” (Jesaja 52,2-3). Gods schoonheid straalt zelfs door wat lelijk is. Als we het maar kunnen zien.

Nog radicaler vroeg ik mij af of mijn leven als redenaar totaal afgelopen was. Zou ik nog wel verstaanbaar zijn? Vijftig jaar steunde mijn geloof op levendige interactie met anderen. Mullah Nasrudin, een sufi-imam uit de vijftiende eeuw, zei: “Ik praat de hele dag, maar wanneer ik iemands ogen zie schitteren, dan schrijf ik het op.” Onderrichten is een verbeeldende oefening waarin men zichzelf openstelt voor anderen, voor hun overtuigingen en hun vragen. We moeten als het ware worden als diegene tot wie we ons richten. Paulus schreef: “Ik heb mij de slaaf van allen gemaakt, om er zoveel mogelijk voor Christus te winnen. Met de Joden ben ik Jood geworden, om de Joden te winnen; met hen die onder de wet staan heb ik mij aan de wet onderworpen, om de mannen van de wet te winnen, ofschoon de wet over mij geen gezag heeft. (…) Alles ben ik voor allen, om er tot elke prijs enkelen te redden” (1 Kor. 9,19-20.22).

Ik zal altijd op andere wijzen kunnen preken, bijvoorbeeld door te schrijven. Maar zal ik de verbeeldende interactie met anderen nog kennen, wat tocht tot de kern van onderrichten behoort? Tot nu toe heb ik al korte preken kunnen houden. Maar het is afwachten wat in de toekomst nog mogelijk zal zijn.

Uitdaging voor mijn zelfverstaan

Deze operatie heeft mij een meer fundamentele uitdaging voor mijn zelfverstaan aangereikt. Thomas van Aquino citeerde vaak Aristoteles: “Er is niets in het verstand, dat niet eerst in de zintuigen is.” We zijn lichamelijke wezens. Verstand, ziel en lichaam zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Een fysieke gewaarwording kan zonder spirituele betekenis zijn, zoals wanneer ik mijn teen stoot. Maar kan een spirituele crisis zonder enige fysieke gewaarwording blijven? Toen ik mij na mijn operatie in de Blenheimafdeling van het Churchill ziekenhuis in Oxford bevond, vroeg een jonge dokter mij: “Waar zijn we?” Ik wist dat de plaats verband hield met de Blenheim Palace, waar Winston Churchill was geboren, maar het leek helemaal niet op een paleis. Ik had gehoopt dat hij mij zou vragen wie de premier minister was, zodat ik kon antwoorden dat ik er niet zeker van was of Boris Johnson wel wist wie eerste minister was. Ik was gedesoriënteerd, zei hij. Gedurende een korte tijd was de scheiding tussen de wereld van de droom en de realiteit poreus. Ik kon in de ogen van de verpleegsters zien dat ik het moeilijk had gehad, maar ik wist niet hoe. Helderheid van geest was altijd de basis van mijn leven geweest, als predikant en als leraar. Wie was ik nu geworden?

Maar God wist wie ik was, zelfs al wist ik het zelf niet. Ik ervoer het als een zegen om te ontdekken dat ik nu een broeder was geworden van allen die in een mentale waas leven. Ik heb altijd genoten van een druk leven, ’s morgens vroeg uit de veren, gretig uitkijkend naar de uitdagingen die de dag zou brengen. Maar na de operatie was ik een tijdje volledig passief: altijd injecties, tests, onderzoeken. In mijn mond zaten buisjes die vloeistof in mijn keel brachten, terwijl andere buisjes de afval afvoerden. Zelfs nadat de buisjes geleidelijk werden verwijderd, kon ik niet veel doen, zelfs niet mezelf verschonen. De verpleegsters vroegen steeds om toestemming voor ze iets deden, maar alle zin van zelfredzaamheid was voor een tijd weg. Ik was altijd bang dat ze de bedpan niet op tijd zouden brengen. Als patiënt onderga je werkelijk een passie, in de fundamentele zin van het woord: je wordt geleefd.

God werd een van ons als een baby, in doeken gewikkeld, niet in staat om voor zichzelf te zorgen, en hij moest ook verschoond worden. En als jonge man had hij zijn passie te verduren door de handen van anderen. God omarmt dus iedereen die niet zelf kan handelen, die geen controle heeft over zijn leven. Dus moet ik ook hun lot omarmen op een wijze die ik niet eerder heb gedaan.

Een diepere identiteit

Zo was mijn leven als drukke predikant en leraar ondermijnd. Dat betekent dat ik van mijn identiteit beroofd was, een niet-persoon geworden was. Of werd ik in Christus uitgenodigd om een diepere identiteit te vinden, dicht bij hen die in de mist verloren lopen, of die het gevoel hebben dat ze hun lot niet meer in eigen hand hebben. Christus nodigt ons uit om onze verbeelde identiteiten los te laten, terwijl we de weg in het mysterie van Christus gaan waarin allen één zullen zijn: “Wat wij zullen zijn is nog niet geopenbaard; maar wij weten dat wanneer het geopenbaard wordt, wij aan Hem gelijk zullen zijn, omdat wij Hem zullen zien zoals Hij is” (1 Joh.3,2).

Hoe moet deze tocht verlopen? In het ziekenhuis had ik onverwachte medepelgrims. Onze nationale gezondheidsdienst staat bekend als de seculiere religie van Groot-Britannië. Maar de verpleegsters en artsen komen voor het grootste deel uit landen waar het geloof zo gewoon is als de lucht die we inademen. Een Spaanse verpleegster toonde mij haar geliefde Maagd. Een Indische verpleegster merkte mijn rozenkrans op en toonde mij de hare. Gebeden werden gevraagd en aangeboden door medechristenen en door mensen van een ander geloof.

Jezus kwam tot de zieken en de verlorenen door ze aan te raken en ze aan te kijken. Hij zag Nathanaël onder zijn vijgenboom, Mattheus de verachte tollenaar te midden van de massa, de weduwe die haar penning in de tempelschat offerde. In de ziekenhuisafdeling waren de verpleegkundigen en de dokters de meelijdende bemiddelaars van de zorg van de Heer. De professionele aanrakingen van de chirurgen die mijn tumor verwijderden en mijn kaak herstelden, en de aanrakingen van de verpleegsters en de artsen die mij met waardigheid verzorgden, waren Gods handen en ogen.

Bidden was moeilijk. Ik kon met moeite de eerste woorden van het Onze Vader zeggen. Twee gebeden hebben mij overeind gehouden, allebei hebben ze te maken met het naakte lichamelijke bestaan. Eerst, de eucharistie die dagelijks gelivestreamd werd vanuit onze dominicaanse communiteit, waarin we herdenken dat Jezus alles ontnomen was: zijn gemeenschap, zijn waardigheid en zelfs zijn leven. En toch, dit verlies was getransformeerd in een gave: “Dit is mijn lichaam gegeven voor u.” Misschien kon mijn ontnomen-zijn ook een gave worden? En het ander, meest lichamelijke gebed was het Weesgegroet, verbonden met het fysieke leven: zwangerschap, gemeenschap en solidariteit tussen Maria en Elizabeth, nu en in het uur van onze dood.

Dorst

In deze gebeden ontdekken we onszelf in de lange geschiedenis van het heil. Aanvankelijk leed ik verschrikkelijk dorst, maar mocht ik niet drinken. Ik kon alleen mijn mond met een spons bevochtigen. Ik dacht obsessief aan Israëls dorst als ze door de woestijn trokken en niet op de Heer vertrouwden, hoewel die hen water uit de rots had gebracht (Exodus 17). Ik herhaalde voortdurend de woorden van Psalm 81,8: “Bij Meriba's wateren stelde ik jou op  de proef.”

Veertig dagen lang deelde Jezus in de woestijn onze dorst, zoals een baby die dorst naar moedermelk. En bij de bron van Jakob vroeg hij de Samaritaanse vrouw water. Zijn bijna laatste woorden op het kruis waren: “Ik heb dorst”. Hij leert ons ook de meer radicale dorst voor de God van leven. “De tocht is echter lang en de weg droog en dor om de bron van water, het beloofde land te bereiken” (statuten der Kartuizers, hfst. 4.1). Dikwijls zijn het de woorden van de psalmen, die eeuwenlang herhaald zijn, die het mogelijk maken dat we onze zorgen en vreugden kunnen delen.

God, mijn God, naar u blijf ik zoeken,

mijn ziel dorst van verlangen naar U; 

al wat ik ben smacht naar U

in een troosteloos dor land zonder water

(Psalm 63,2-3)

In Soif de roman van de Belgische schrijfster Amelie Nothomb, verheugt Jezus zich omdat hij dorst heeft. “Als je een hele tijd dorst hebt geleden, drink je beker dan niet in één teug leeg. Neem één slokje en hou dat een paar tellen in je mond voor je doorslikt. Proef hoe verrukkelijk dat is.” Jezus leert ons om op een goede manier dorst te hebben.

Dood

Don’t Look Up! Ze zijn blind voor de dood die op hen toekomt. In het ziekenhuis realiseerde ik mij dat de dood ook naar mij toekwam. Mijn arts zei me dat de overlevingskans vijf jaren na deze operatie op 60% ligt. Is dat een korte tijd of niet? Het bewustzijn van de dood doet rare dingen met het besef van tijd. Het tegenwoordige krijgt er een vreemde intensiteit door, zodat elk moment lijkt uitgerekt te worden, hoewel de tijd ook kort is. De enige manier om zich op het eeuwig leven voor te bereiden is, door nu zo volop te leven als mogelijk is. Aan wie moet ik vandaag vergeving vragen? Wie moet ik zeggen dat ik van ze houd, voor het te laat is? Maria, bid voor ons, “nu en in het uur van onze dood.”


Timothy Radcliffe OP (1945) is een Engelse dominicaan. Hij studeerde in Oxford en Parijs, en hij was magister-generaal van de Orde der Dominicanen (van 1992 tot 2001). Zijn boeken zijn vertaald in 24 talen en hij heeft eredoctoraten in de theologie van onder meer de universiteit Oxford.

timothy.radcliffe@english.op.org

[1] ‘A Radical Vatican’, The New Yorker, 10 juli 2015.

[2] William Lynch, ‘Theology and Imagination’, Thought 29, nr. 112 lente 1954, p.66.

[3] Cornelius Ernst, Multiple Echo, Foreword by Donald MacKinnon, edited by Fergus Kerr OP and Timothy Radcliffe OP. Darton, Longman and Todd, Londen 1979, p.8.

[4] Metaverse is het gehele netwerk van aan elkaar gekoppelde virtuele 3D-ruimtes waarin de gebruikers, vaak door middel van avatars, interactief kunnen rondkijken en interageren (wikipedia).

[5] Thomas F. Mathew, The Clash of Gods: A reinterpretation of early Christian Art, Princeton University Press,  Princeton and Oxford Revised and expanded 1999 p.92.

[6] Timothy Radcliffe, Leven in volheid. Een christelijke verbeelding, Middelburg/Antwerpen: Uitgeverij Skandalon/Halewijn, 2021.

Bron: Tijdschrift voor Geestelijk Levennr. 2022/2 themanummer: Verbeelding. Weg naar een transcendentie.

Voor verdere informatie over TGL zie www.tgl.be. Besteladres Nederland: ahmmetz1941@kpnmail.nl. Besteladres België: abonnementenTGL@kerknet.be. Kosten per los nummer: € 8,50 plus verzendkosten.

Reacties

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Verder lezen

Eerste week Advent 2022

Treurt

Treurt met de hemelen
Treur  alle mensen van goede wil
Treur en blaas op de midwinterhoorn

Treur om wie neerschieten zonder aanzien
Treur om wie kinderen, moeders, hoogbejaarden neerknallen
Treur om wie alle oorlogsrechten verpletteren
Treur om wie flats en scholen en ziekenhuizen niet ontzien
Treur om wie dorpen en steden verwoesten
Treur om alle verlies van menselijkheid

Treur  en blaas met heel je ademkracht omdat je de hoop niet opgeeft
Treur omdat je in vrede blijft geloven
Treur uit liefde voor alle kwetsbare onschuldige mensen
Treur zonder voorkeur
God houdt van iedere  mens die licht en liefde wil zijn

Treurt nu zoveel mensen op de vlucht moeten
Treurt om wie veilige herbergen in brand steken
Treurt zolang er getreurd moet worden
Zalig de treurenden die het goede voor ogen houden
Zalig de treurenden die gericht zijn op de Algoede


Marinus van den Berg
EERSTE ZONDAG VAN ADVENT
27 november 2022

Over de Bezieling

De Bezieling is een gratis online kwaliteitsmagazine voor mensen die op zoek zijn naar inspiratie, bemoediging en ankerpunten in het leven en daarbij nieuwsgierig zijn naar wat de christelijke traditie te bieden heeft.

Vrienden van de bezieling

De vriendenkring is in het leven geroepen om de basis van de Bezieling te verstevigen. De vrienden dragen in belangrijke mate bij aan de ontwikkeling en financiële stabiliteit van het platform.

Het lidmaatschap bedraagt 60 euro per jaar (méér mag) en kan op ieder moment ingaan. Als Vriend maak je de Bezieling mee mogelijk en daarmee de ontmoeting van hedendaags leven en christelijke spiritualiteit.

Volg de bezieling

Aanmelding nieuwsbrief

cross